zondag 21 oktober 2012

Wie is Israël en wat zegt de bijbel over Israël ?

Binnen de PKN, en ook daarbuiten, is de discussie weer actueel inzake de positie van de  huidige staat Israël.  Recent hebben 6 theologen in een openbrief gewaarschuwd tegen het Christen-zionisme.

Op 27 oktober wordt op een mini-symposium een brochure gepresenteerd  door Vrienden van Sabeel Nederland en Kairos Palestina Nederland met als titel “De muur is afgebroken".

Kern van de argumentatie van bovengenoemde personen en groeperingen inzake Israël en het Christen-Zionisme is dat:

1.    Er een oud en een nieuw testament is, waarbij het oude testament heeft afgedaan en alle beloften en profetieën inzake Israël vervuld zijn in het nieuwe testament door Jezus.
2.    Het oude testament “slechts”  geschiedenis is, zonder betekenis voor deze tijd.
3.    Er in het nieuwe testament geen teksten staan die de landbelofte aan Israël zouden ondersteunen.
4.    Israël als volk en land er niet meer toe doen als speciaal weggezet volk door God en dus ook geen aparte plek meer inneemt in Gods handelen in deze tijd.
5.    Christen-Zionisten Israël naast of boven Jezus stellen.
6.    Het ware Israël de gemeente van God is.
7.    Universele liefde en gerechtigheid de basis zijn voor alle ethiek en politiek, het huidige Israël is net als ieder ander land en heeft niets met Gods handelen te maken.
8.    Dit uitgangspunt moet leiden tot de conclusie dat de mensenrechten en het internationaal recht ook voor christenen en kerken het primaire normatieve kader dienen te zijn voor hun maatschappelijke en politieke handelen.

Om met dit laatste punt maar te beginnen: God, Gods woord wordt buitenspel gezet en het Internationaal recht en mensenrechten is de hoogste norm. Het internationaal recht ? Syrië ? Ik laat me nu niet afleiden tot een betoog over het failliet van het internationaal recht, maar een ieder die bekend is met de situatie in Syrië en de wijze waarop daar in de VN mee wordt omgegaan zal voor nu even genoeg weten.

Wie is Israël en wat zegt de bijbel over Israël ?

Wij kennen vast allemaal het verhaal van Abraham en Sara. Eerst kreeg Abraham via zijn slavin Hagar een zoon, genaamd Ismael.
Met zijn vrouw Sara kreeg Abram later zijn zoon Izaäk.
In Gen 15:7 en Gen15:18 wordt de landbelofte aan Abram gegeven door God:

18 Die dag sloot de HEER een verbond met Abram. ‘Dit land,’ zei hij, ‘geef ik aan jouw nakomelingen, van de rivier van Egypte tot aan de grote rivier, de Eufraat

In Gen 17:7-8 sluit God vervolgens een verbond met Abram, vanaf die tijd Abraham geheten.

7 Ik sluit een verbond met jou en met je nakomelingen, met alle komende generaties, een eeuwigdurend verbond: ik zal jouw God zijn en die van je nakomelingen. 8 Heel Kanaän, het land waar je nu als vreemdeling woont, zal ik jou en je nakomelingen voor altijd in bezit geven, en ik zal hun God zijn.’

Voor altijd !!! Als God zegt voor altijd, bedoelt hij dan een bepaalde periode, een kortere of een langere periode ?
Wordt er ergens in voorwaardelijke zin gesproken over dit verbond ? Nee.

Als bevestiging van Zijn verbond moeten alle jongens,elke generatie,besneden worden: Gen 17:11-13

11 Jullie moeten je voorhuid laten verwijderen; dat zal het teken zijn van het verbond tussen mij en jullie. 12 In elke generatie opnieuw moet iedereen van het mannelijk geslacht besneden worden wanneer hij acht dagen oud is. Dit geldt niet alleen voor wie tot je eigen volk behoort maar ook voor jullie slaven, of ze nu bij jullie geboren zijn of van vreemdelingen zijn gekocht; 13 iedereen die bij jullie geboren is of door jullie is gekocht, moet worden besneden. Zo zal dit verbond met mij voorgoed zichtbaar zijn aan jullie lichaam.

Vraag is nu: wie zijn zijn nakomelingen, met andere woorden: wie zal het land voor eeuwig in bezit mogen hebben ? Zijn dat de nakomelingen van zowel Ismael als Izaäk of…?

Genesis gaat verder met duidelijk te maken wat de verhoudingen waren tussen Sara en Hagar en Ismael en Izaäk. God schept duidelijkheid over wie als nakomelingen en dus als erfgenamen gelden van Abraham in Gen 21:12

12 Maar God zei tegen hem: ‘Je hoeft je niet bezwaard te voelen vanwege de jongen of je slavin. Alles wat Sara je vraagt moet je doen, want alleen de nakomelingen van Izaäk zullen gelden als jouw nageslacht.

Vervolgens gebeurt er iets heel belangrijks in Gen 22, waarin Abraham op de proef gesteld wordt door God.
Abraham wordt door God gevraagd zijn zoon Izaäk te offeren. In Gen 22:16-18 zegt God vervolgens:

16 Hij zei: ‘Ik zweer bij mijzelf – spreekt de HEER: Omdat je dit hebt gedaan, omdat je mij je zoon, je enige, niet hebt onthouden, 17 zal ik je rijkelijk zegenen en je zo veel nakomelingen geven als er sterren aan de hemel zijn en zandkorrels op het strand langs de zee, en je nakomelingen zullen de steden van hun vijanden in bezit krijgen. 18 En alle volken op aarde zullen wensen zo gezegend te worden als jouw nakomelingen. Want jij hebt naar mij geluisterd.’

Izaäk geldt voor God als enige zoon van Abraham, en dus erfgenaam en zijn nakomelingen gelden dan ook als DE nakomelingen en dus erfgenamen van Abraham. Geen rol in de landbelofte dus voor de nakomelingen van Ismael. Nogmaals wordt dit duidelijk in Gen 25: 5, waarin vermeld wordt dat vlak voor zijn dood Abraham alles aan Izaäk gaf wat bij bezat.


Gods handelen met Zijn volk gaat na de dood van Abraham verder met Izaäk.
In Gen 26:3 bevestigt God tegenover Izaäk Zijn eed die hij tegenover Abraham had gezworen:

3 Blijf voorlopig in dit land, ik zal je terzijde staan en je zegenen: ik zal dit hele gebied aan jou en je nakomelingen geven en zo de eed gestand doen die ik je vader Abraham heb gezworen.


Izaäk en Rebekka krijgen 2 zonen, Esau en Jakob. Jakob ontneemt Esau het eerstgeboorterecht en de zegen, EN.. die zegen zal op hem, Jakob, blijven rusten, Gen 27:33

33 Toen schrok Izaäk hevig en zei: ‘Maar wie was het dan die mij net een stuk wild heeft gebracht dat hij geschoten had? Ik heb ervan gegeten voordat jij kwam en ik heb hem gezegend. En die zegen zal op hem blijven rusten!’

Net zoals God zijn eed aan Abraham aan Izaäk had bevestigd, wordt in Gen 28 deze eed ook aan Jakob bevestigd tijdens zijn droom in Betel:

13 Ook zag hij de HEER bij zich staan, die zei: ‘Ik ben de HEER, de God van je voorvader Abraham en de God van Izaäk. Het land waarop je nu ligt te slapen zal ik aan jou en je nakomelingen geven. 14 Je zult zo veel nakomelingen krijgen als er stof op de aarde is; je gebied zal zich uitbreiden naar het westen en het oosten, naar het noorden en het zuiden. Alle volken op aarde zullen wensen zo gezegend te worden als jij en je nakomelingen. 15 Ikzelf sta je terzijde, ik zal je overal beschermen, waar je ook heen gaat, en ik zal je naar dit land terugbrengen; ik zal je niet alleen laten tot ik gedaan heb wat ik je heb beloofd.’

In Gen 32:28-29 komen wij nu voor het eerst de naam Israël tegen. Jakob worstelde daar met iemand…..Jakob wordt naar zijn naam gevraagd:

28 De ander vroeg: ‘Hoe luidt je naam?’ ‘Jakob,’ antwoordde hij. 29 Daarop zei hij: ‘Voortaan zal je naam niet Jakob zijn maar Israël, want je hebt met God en mensen gestreden en je hebt gewonnen.’

(Hoe treffend is die naam gebleken voor het Joodse volk door de geschiedenis heen en tot op de dag van vandaag.)

Ook in Gen 35 wordt zijn naam Israël en ook de landbelofte gedaan aan Abraham en al zijn nakomelingen opnieuw bevestigd, in de lijn van Izaäk en Israël (Jakob):

12 Ik geef jou het land dat ik aan Abraham en aan Izaäk heb gegeven; ook aan je nakomelingen geef ik dit land.’

De 12 zonen van Jakob worden vervolgens genoemd, de 12 stamvaders van het Joodse volk.

Het verhaal gaat vervolgens verder in Exodus. Want wie is Israël ook al weer ? God zegt tegen Mozes in Exodus 4:21-23 exact wat Mozes tegen de farao moet zeggen:

21 Toen zei de HEER tegen Mozes: ‘Nu je teruggaat naar Egypte, moeten jullie daar de farao alle wonderen laten zien waartoe ik je de macht heb gegeven. Ik zal ervoor zorgen dat hij hardnekkig weigert het volk te laten gaan. 22 En dan moet jij tegen de farao zeggen: “Dit zegt de HEER: Israël is mijn zoon, mijn eerstgeboren zoon. 23 Ik heb je bevolen mijn zoon te laten gaan om mij te vereren, maar dat heb je geweigerd. Daarom zal ik je eerstgeboren zoon doden.”’

God spreekt hier dus over Zijn volk als  “Israël is mijn zoon, mijn eerstgeboren zoon”.  Waar in de bijbel valt te lezen of de stelling te rechtvaardigen dat de kerk het ware Israël is? Kan een eerstgeboren zoon vervangen worden door een andere “eerstgeborene”? De eerstgeboren zoon heeft ook het erfrecht!  Dat zou dan ook maar even over gaan op de kerk?

Mozes wordt opnieuw geroepen en God bevestigt aan Mozes wederom dat Israël ZIJN volk is. Exodus 6:7

7 Ik zal jullie aannemen als mijn volk, en ik zal jullie God zijn. En jullie zullen inzien dat ik, de HEER, jullie God ben, die jullie bevrijdt van de last die je door de Egyptenaren is opgelegd.

In exodus 19 wordt vervolgens expliciet gemaakt dat Israël kostbaarder is en zal zijn dan alle andere volkeren. In deze tekst ligt ook een geheimenis naar de toekomst toe, de rol van het Joodse volk te midden van de andere volkeren. Exodus 19:5-6 :

5 Als je mijn woorden ter harte neemt en je aan het verbond met mij houdt, zul je een kostbaar bezit voor mij zijn, kostbaarder dan alle andere volken – want de hele aarde behoort mij toe. 6 Een koninkrijk van priesters zul je zijn, een heilig volk.” Breng deze woorden aan de Israëlieten over.’

In Exodus 40:15 wordt dit nog op een andere wijze bevestigd: Aaron en zijn zonen worden gezalfd, waardoor zij voor altijd, voor alle komende generaties, het priesterschap wordt verleend.  Voor altijd zullen zij dus deze rol moeten gaan vervullen.

15 en zalf hen zoals je hun vader gezalfd hebt; dan kunnen ook zij mij als priester dienen. Door deze zalving wordt hun voor altijd, voor alle komende generaties, het priesterschap verleend.’

God is almachtig: Zou God een verbond sluiten terwijl hij weet dat de Israëlieten zich niet aan het verbond zullen kunnen houden  en dat het verbond dus niet vervuld zal worden? Zou een negatieve beantwoording van deze vraag niet direct betekenen dat ook wij, Christenen, geen enkele zekerheid meer hebben over de belofte, het verbond dat God middels Jezus met ons heeft gesloten?

Israël is Gods volk voor altijd en aan Israël heeft God de landbelofte gedaan, voor altijd.
Dit blijkt uit het voorgaande verhaal, maar ook uit alle voorschriften en feesten die in Exodus en Leviticus worden beschreven, waar vele malen staat vermeld “voor altijd” .

Zo wordt in Exodus 31:12 en Exodus 16-17 bijvoorbeeld het volgende door God gezegd:

12 De HEER zei tegen Mozes: 13 ‘Zeg tegen de Israëlieten: “Neem wel steeds mijn sabbat in acht, want elke generatie opnieuw is die dag voor mij en voor jullie een teken dat eraan herinnert dat ik, de HEER, jullie geheiligd heb.
16-17 Generatie na generatie moeten de Israëlieten de sabbat in acht nemen en vieren. Voor mij en hen is die dag een teken van een eeuwigdurend verbond, want in zes dagen heeft de HEER de hemel en de aarde gemaakt, en de zevende dag heeft hij gerust om op adem te komen.’ 17 [16–17]

Nog een voorbeeld: in Leviticus 3:17 staat:

17 Vet en bloed mogen jullie niet eten. Deze bepaling blijft voor de Israëlieten en hun nakomelingen voor altijd van kracht, waar ze ook wonen.”’

Zo zijn er nog vele voorbeelden te noemen, waaruit blijkt dat door de voorschriften, voor altijd Gods volk met haar eigen voorschriften een aparte plek inneemt. Niet vanwege een vermeend cultureel feestje, maar omdat God dat wil. De feesten zijn zelfs Gods feesten, MIJN feesten zoals God dat zelf zegt  in Leviticus 23:1-2

En de heer zei tegen Mozes: Stel deze geboden op schrift, want op grond van deze geboden sluit ik met jou en de Israëlieten !!! een verbond !.
Elke generatie, een eeuwigdurend verbond,……voor altijd dus !!

Als deze heren menen dat de gemeente van God het ware Israël is, waarom weigeren zij dan de sabbat in acht te nemen of de Joodse feesten of andere zaken die in Leviticus worden gesteld?
Waarom degradeert bijvoorbeeld een Jos Strengholt de Joodse feesten, de voorschriften/geboden uit de Thora tot een Joods cultureel feestje dat zij lekker zelf moeten vieren, maar voor ons Christenen geen enkele waarde meer hebben? Is dit niet volstrekt in tegenspraak tot de claim dat Christenen, de kerk, het ware Israël is ? Het is dan toch alles of niets, of willen zij zich dan alleen de vrucht toe eigenen, Jezus? Alleen de lust en niet de lasten?

Als Israël er niet meer toe zou doen, waarom zou God dan zijn feesten als altoos durende instellingen inzetten, of waarom zou God Zijn Volk “belasten” voor altijd met bepaalde voorschriften, het willen laten naleven van de wet. Nergens staat het woord TOTDAT (totdat Jezus de wet vervuld zou hebben volgens deze heren)….

In Mattheus 5:17-18 staat:

17 Denk niet dat ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen. Ik ben niet gekomen om ze af te schaffen, maar om ze tot vervulling te brengen. 18 Ik verzeker jullie: zolang de hemel en de aarde bestaan, blijft elke jota, elke tittel in de wet van kracht, totdat alles gebeurd zal zijn.

Zolang de hemel en aarde bestaan, voor altijd, elke Jota, elke tittel in de wet……..

In Leviticus 20 vs 24 lezen we verder: 


24 Toen heb ik jullie gezegd: ‘Jullie zullen hun land in bezit krijgen. Ik zal jullie het land dat overvloeit van melk en honing in bezit geven.’
Ik ben de HEER, jullie God, die jullie van alle andere volken heeft onderscheiden.

"Die jullie van alle andere volken heeft onderscheiden"..........

In Leviticus 25:23 staat ook een interessante tekst:


23 Land mag nooit verkocht worden, alleen verpand, want het land behoort mij toe en jullie zijn slechts vreemdelingen die bij mij te gast zijn.

Het land behoort God toe en zelfs het Joodse volk is in die zin een vreemdeling.
Een vreemdeling ? Wel eentje die God toebehoort, zoals in Levitcus 25:42 wordt vermeld:


42 Het volk dat ik uit Egypte heb weggeleid behoort mij toe, Israëlieten kunnen dus niet als slaaf verkocht worden.

Vervolgens wordt in Leviticus 26:11 gezegd:


11 Mijn woning zal in jullie midden staan en ik zal nooit een afkeer van jullie krijgen.

Als God zegt nooit, is het ook nooit.

God geeft echter wel aan wat de gevolgen zullen zijn indien het Joodse volk zich niet aan zijn geboden zou houden. Dit vinden we terug in Levitucus 36:31 en verder:


31 Ik zal je steden in puin leggen, je heilige plaatsen verwoesten en me niet laten behagen door de geur die van jullie offers opstijgt. 32 Ik zal van het land een woestenij maken, tot ontsteltenis van je vijanden, die het zullen bezetten. 33 En jullie zal ik onder vreemde volken verstrooien; je zult moeten vluchten voor het getrokken zwaard. Je land zal een woestenij zijn en je steden zullen in puin liggen.

God straft zijn volk, maar laat ze niet vallen. Levitcus 26:40 is hier heel duidelijk over:


40 Wanneer zij echter hun zonden en die van hun voorouders openlijk uitspreken, namelijk dat ze mij ontrouw zijn geweest en bovendien tegen mij in zijn gegaan 41 – juist daarom zal ik van mijn kant tegen hen in gaan en hen verdrijven naar het land van hun vijanden –, wanneer ze dus hun koppigheid laten varen en zich verootmoedigen en voor hun schuld boeten, 42 dan zal ik weer denken aan mijn verbond met Jakob en aan mijn verbond met Isaak en met Abraham, en dan zal ik ook weer denken aan mijn land.

Eeuwenlang zal het land verlaten zijn, waardoor het land braak ligt ter vergoeding van de Sjabbatsjaren en ondertussen " boeten zij (het Joodse volk) ervoor dat zij Mijn regels naast zich neergelegd hebben en mijn bepalingen hebben geminacht" , aldus vs 43.

Dan komen we hier bij het slot: God heeft zijn volk verdreven uit ZIJN land, echter zegt God in Leviticus 36:44


44 Maar zelfs terwijl ze in het land van hun vijanden verblijven, zal ik hen niet verwerpen en hen niet uit afkeer aan de vernietiging prijsgeven. Ik zal mijn verbond met hen niet verbreken, want ik ben de HEER, hun God.

God zegt het zelf, en heel duidelijk: "Ik zal mijn verbond met hen niet verbreken"! Amen.

Samenvattend:

Het volk Israël, het aan hun beloofde land, alle voorschriften, gebruiken, wetten, feesten etc., zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en vormt een (1) geheel.

Waarom ? Omdat het God zelf is geweest die zich een volk koos, een land aanwees waarin Zijn volk mocht en mag wonen en ZIJN feesten als altoos durende instelling heeft ingesteld.

Iedereen die Israël als volk en/of land vergeestelijkt gaat dus in tegen Gods eigen woord. Nergens in de bijbel is terug te vinden dat het volk Israël eens zal op houden te bestaan, of dat de landbelofte er niet meer toe doet, of dat met Israël de gemeente van God wordt bedoeld !

God gaat in de geschiedenis en ook nu nog zijn weg met Zijn volk, Zijn oogappel omdat hij een eeuwige belofte heeft gedaan.

Wie zijn wij, wie zijn de bovengenoemde heren, die menen dat God zo onbetrouwbaar is dat God Zijn verbond met Zijn volk zou verbreken ?

Laat ik afsluiten met de berijmde versie van psalm 90, een gebed van Mozes, waarin gezongen wordt:


Geslachten gaan, geslachten komen.
Wij zijn in uw ontferming opgenomen.
Wij mogen bouwen op de vaste grond,
Van Uw beloften en Uw verbond.

zaterdag 29 september 2012

Veel christenen zijn als Bileam zonder ezelin !


Veel christenen zijn als Bileam zonder ezelin:  Numeri 22-24



De klok tikt ongenadig door. Het is reeds vijf voor 12 en nog steeds bestaat er binnen een grote groep Christenen een ernstige mate van onwetendheid over de achtergronden van het Israëlisch – Palestijns Arabisch Islamitisch Conflict. Vele wensen zich hierin ook niet of nauwelijks te verdiepen. 

Terwijl de spanningen met Iran per dag toenemen nu de dreiging van een Iraanse kernbom steeds realistischer wordt en daarmee ook een noodzakelijke preventieve aanval van Israël uitlokt, neemt echter, ook onder Christenen,  de afkeer tegen Israël toe en komen Israël als land en de Joden als volk steeds meer alleen te staan.


Wat leert de bijbel ons ? God kiest een land en een eigen volk ! In Lev 25:23 zegt God dat het land van Hem is.

23 Land mag nooit verkocht worden, alleen verpand, want het land behoort mij toe en jullie zijn slechts vreemdelingen die bij mij te gast zijn.


In Ezechiël 36 toont God zijn plan voor het Heilige Land. Het Joodse volk zal weer wonen in de bergen van Israël . In vs 22 geeft hij expliciet aan dat hij dit doet om Zijn Heerlijke Naam.

"Zeg daarom tegen het volk van Israël: “Dit zegt God, de HEER: Ik zal ingrijpen, volk van Israël – niet omwille van jou, maar omwille van mijn heilige naam, die je hebt ontwijd bij de volken waar je gekomen bent!"

Om dit te kunnen begrijpen moeten we terug naar de uittocht van het volk uit Egypte en het verhaal van de 10 plagen. God liet dit geschiedden om de volkeren zijn macht te tonen (Exodus 32:12).
Ook nu hanteert God dezelfde methodiek. God brengt Israël  opnieuw in het beloofde land om zijn grote kracht te tonen, door op wonderbaarlijke wijze de jonge staat Israël  te laten overleven gedurende verschillende oorlogen sinds 14 mei 1948 !

De terugkeer naar het beloofde land is geen beloning voor goed gedrag van het Joodse volk, maar door de wonderen die door God zijn geleid, toont God zijn macht en trouw aan zijn eeuwige en onberouwelijke beloften. Israël zal het land bezitten, omdat het de wil van God is ! Ongeveer 60 keer staat in Ezechiël vermeld dat dit alles geschied “Opdat zij zullen weten dat ik de Here ben “. De God van Israël , dus ook onze God, heeft zijn bestaan en macht in het verleden bewezen door zijn handelen met Zijn volk Israël, door de geschiedenis heen en tot op de dag van vandaag.  God vervult zijn beloften gedaan aan het Joodse volk. Deze beloften zijn door de bijbel openbaar voor de gehele wereld! 

Deze boodschap moet nadrukkelijk en standvastig uitgedragen worden binnen de kerken, omdat deze boodschap het woord van God zelf is ! De islamitische volken kennen echter de bijbel niet. Ze weten dan ook niet dat zij met hun anti- Israël houding tegen God ingaan, hem pijn doen, tegen God zondigen. We kunnen hun dan ook nauwelijks veroordelen voor hun houding, maar we moeten hen zeker niet aansporen om tegen het plan van God in te gaan.
Wat het echter lastig maakt voor moslims is dat de terugkeer van het Joodse volk in het land Israël  de waarheid van de koran ondermijnt.

Echter, ondanks de wonderbaarlijke overleving van de staat Israël  te midden van vijandige volken er omheen, weigeren de Islamitische leiders de macht en kracht van de God van Israël te erkennen en daarmee de landbelofte aan Israël te accepteren. Ook dit is voorzegt in de bijbel, Ezechiël 35:13 “Ja, gij hebt een hoge toon tegen mij aangeslagen en grote woorden tegen mij opeengestapeld. Ik heb het wel gehoord”

Als Gods gaven en uitverkiezing echter herroepen kunnen worden, wat zou God er dan van kunnen weerhouden om ook niet de kerk de rug toe te keren ? Waar kunnen wij onze zekerheid dan vandaan halen? Als wij Israël loslaten, Zijn volk, waarom zou God ons dan niet loslaten ?
God brengt Israël  terug om te bewijzen dat hij Heer is. (Ezechiël 36: 23-24).

23 Ik zal mijn grote naam, die door jullie bij die volken is ontwijd, weer aanzien verschaffen. Die volken zullen beseffen dat ik de HEER ben – spreekt God, de HEER. Ik zal ze laten zien dat ik heilig ben; 24 ik leid jullie weg bij die volken, ik breng jullie bijeen uit die landen en laat je naar je eigen land terugkeren.

Een tweestaten-oplossing, Oost-Jeruzalem weggeven, waarin de Oude stad en het Tempelplein zich bevinden, druist in tegen Gods plan. 
Goed bedoelende christenen zonder zicht op Gods plan met Israël , zijn land en volk, moedigen Palestijnen aan het land Israël  te claimen en daarmee te zondigen tegen God !

God geeft ons echter een leidraad voor het hier en nu. De uittocht uit Egypte is als een routekaart voor de gebeurtenissen van deze tijd. Leest u het verhaal van Bileam in Numeri 22-24. De Islamitische leiders trachten door valse argumentatie de leiders van de westerse landen en de VN, ongelovigen en niet Bijbelvaste Christenen, te verleiden om de positie van Israël  te verzwakken.

Iran kan ongehoord grof de Joodse staat beledigen en bedreigen door het een kankergezwel te noemen in het Midden-Oosten, Iraanse leiders krijgen een plek op het podium van de wereldleiders door voor de VN valse toespraken te mogen houden. De Israëlische premier Netanyahu probeert de wereld wakker te schudden, maar wordt nauwelijks serieus genomen. De echte discussie gaat mijn inziens niet over of Iran wel of geen kernbom heeft, maar of Iran en de andere Arabische/Islamitische naties streven naar de vernietiging van Israël. En helaas,....daar kun je maar 1 keer te laat achter komen .

Oh waren wij maar als de Ezelin van Bileam, zodat wij de Engel van de Heer konden zien !

donderdag 20 september 2012

Het morele failliet van vrijheid van meningsuiting


Afgelopen week ontstond er grote commotie door een anti-Islam filmpje.
Op vele plaatsen in het Midden-Oosten, maar ook in Europa, waren er demonstraties van Moslims tegen deze film, waarin moslims op amateuristische wijze geschoffeerd werden.

Dieptepunt was de dood van de Amerikaanse ambassadeur in Libië, die bij deze protesten op beestachtige wijze vermoord werd. Tegelijkertijd zijn er verhalen dat deze moord met voorbedachten rade door Al Qaeda is begaan. Hoe het ook zijn mag, alle demonstraties waren weer een toonbeeld van de intolerantie en schijnheiligheid ten top van de Islamitische Arabische wereld.
De Profeet was beledigd, de moslims gekrenkt, wat de ongeremde haat en wantoestanden zou mogen rechtvaardigen,  aldus de Islamitische wereld.

Dat hier even “vergeten” wordt dat bijna dagelijks in de Islamitische wereld
(kinder-)films worden vertoond waarin Joden als apen, ratten en al het andere mogelijke kwaad worden afgeschilderd zal IK dan maar even vergeten.

Daar waar de Islamitische wereld uit zijn dak gaat van deze film, zo valt Europa over haar voorzitter heen die eerder deze week in aanwezigheid van moslimvertegenwoordigers de film veroordeelde, zonder expliciet de gewelddadigheden in de Islamitische wereld te veroordelen. Hier zou namelijk de vrijheid van meningsuiting in het geding zijn. Hoe smakeloos ook, iedereen moet toch zijn filmpje mogen maken. Het is tenslotte een groot verworven recht dat we hebben verkregen en waardoor we ons ook direct maar moreel superieur achten aan de Islamitische wereld. Vrijheid van meningsuiting, hoe kwalijk, smakeloos, grof en beledigend ook, is het hoogste goed, toch ?

Vrijheid van meningsuiting: het mantra van een moreel failliet westen, waar het begrip beschaafdheid verworden is tot een holle frase. Onder de noemer van deze ultieme uiting van vrijheid, zeggen wat je denkt, in plaats van eerst denken wat je zou kunnen zeggen, is het mogelijk dat politici spreken over bijvoorbeeld “kopvodden-taks” en mag bijvoorbeeld een Hans Teeuwen ongehoord grof zijn, want dat is pas humor en het bewijs van de rijkdom van vrijheid van meningsuiting. Het morele verval van het westen is niet beter te duiden door te wijzen op de “stijl”  van het merendeel van de huidige generatie cabaretiers . “Lache joh, hij was weer super grof”  . Tja, mensen zijn net apen, goed voorbeeld doet volgen….
Pownews vond het deze week direct leuk om maar een aantal filmpjes te tonen waarin Jezus belachelijk wordt gemaakt.

De ongekende en ongeremde grofheid die OOK de westerse wereld kenmerkt, waardoor het mogelijk is Joden, Christenen, Moslims, homo's, politici, gezagsdragers of wie of wat dan ook dat je niet aanstaat maar te schofferen, is juist hetgeen polariserend werkt. Vrijheid van meningsuiting werkt dus als een boemerang en blijkt dus helemaal niet het ultieme te zijn. We zijn hierin volledig doorgeslagen.

Er zit wat mij betreft dus nog een heel andere kant aan alle ophef over het filmpje.
Ja, vrijheid van spreken, schrijven, discussiëren is inderdaad waardevol genoeg om te verdedigen tegenover een intolerante Islam. Maar vrijheid van meningsuiting is niet het hoogste goed.

Daar waar vrijheid van meningsuiting ophoudt, gaat beschaafdheid namelijk oneindig veel verder.

Willen wij het morele gelijk aan onze kant hebben, dan zullen we beschaafdheid na moeten streven in plaats van vrijheid van meningsuiting.

zondag 16 september 2012

Soms vliegt het mij aan....

Soms vliegt het mij aan,
als ik zie hoeveel stil verdriet er is.
als ik merk hoe woorden kunnen verwonden.

Soms vliegt het mij aan,
als ik naar mijn kinderen kijk en mij afvraag:
hoe zal het later met ze gaan.

Als ik hoor van de beestachtige woede,
van het ongeremde kwaad,
En dat allemaal in naam van de Islam.


Soms vliegt het mij aan,
als ik zie de leegte om mij heen.
als ik merk hoe vaak het eigen geluk zo belangrijk is.

Soms vliegt het mij aan,
als ik naar mijn kinderen kijk en mij afvraag:
hoe zal het later met ze gaan

Als ik hoor van de vernedering en onderdrukking
die een volgeling van Jezus zal moeten ondergaan.


Soms vliegt het me aan,
als ik zie hoe slecht wij elkaar kennen.
als ik merk hoe weinig mensen Jezus erkennen.

Soms vliegt het me aan,
als ik naar mijn kinderen kijk en mij afvraag:
hoe zal het later met ze gaan.

Als ik hoor en zie al het kwaad, in woord en daad.
Als ik zie hoe Israël er steeds meer alleen voor staat.


Toch overwint uiteindelijk steeds weer het vertrouwen.
Dat U niet loslaat hetgeen Uw hand begon.
Dat geslachten gaan en geslachten komen.
Maar dat wij in Uw ontferming zijn opgenomen.
En dat wij mogen bouwen op de vaste grond,
van Uw beloften en Uw verbond.


Heer, kom spoedig terug.







vrijdag 7 september 2012

Zionisme, Gods Feesten en hoogmoed...


Afgelopen week hebben 6 theologen een open brief verstuurd met daarin een stellingname tegen het Zionisme onder Christenen. Onder de opstellers bevinden zich o.a. Dr. Steven Paas en anglicaans priester Jos Strengholt.

Ik heb op deze brief al kort gereageerd op de blog van laatstgenoemde, Jos Strengholt. Kern van mijn bezwaar tegen het gedachtegoed van hen heb ik samengevat met de volgende zin:

"They cut the root and stole the fruit."

Jezus is door hen gekaapt en ontdaan van zijn Jood zijn in zijn denken en doen, Gods volk en land is gemarginaliseerd tot een volkje met hun eigen culturele feestjes en gebruiken, maar hebben niets meer van doen met Jezus en Gods plan met deze wereld.

“Maar wij willen laten zien dat de Heilige Schrift geen grond geeft aan een Israëltheologie die het volk, het land en de religie van na-Bijbels Israël op die wijze relateert aan het heil van mensen en derhalve abnormale proporties geeft. (...)”  aldus de opstellers van de brief.

Met andere woorden: het Joodse volk neemt geen bijzondere plek meer in bij en voor God ten opzichte van de andere volkeren in deze wereld.

Een citaat uit de vele opmerkingen door Jos Strengholt in verband hiermee is de volgende : “Als Israël deze feesten als culturele feesten wil vieren, hun feestje. Ik denk dat al die feesten hun volheid (vervulling) hebben gekregen in Jezus en wat hij voor ons deed” 
De Joodse feesten zijn dus een pure aangelegenheid voor Joden die dat willen vieren, maar voor ons Christenen heeft het geen enkele waarde.

Het bewust verbreken van de Joodse wortels c.q. banden met de wortels die ons dragen, is precies het punt waar ik grote moeite mee heb als het gaat om het verstaan van de Bijbel.
In dit kader neem ik de Joodse feesten als voorbeeld om te onderbouwen dat de wortels er wel degelijk toe doen. De Joodse feesten zijn er  niet alleen voor Joden ,maar ook voor Christenen.
Niet dat ik van mening ben dat ook Christenen de 7-grote Joodse feesten moeten vieren, maar wel dat wij door inzicht te verkrijgen in de Joodse context van deze feesten, de Bijbel beter kunnen verstaan en daarmee ook Gods (tijds-) plan met deze wereld, Zijn volk en land.

Dat is dus heel wat anders dan het verwijt dat stelselmatig uit de hoek van de opstellers van de brief doorklinkt dat het Christelijk Zionisme Israël naast of zelfs boven Jezus stelt of dat er voor het Joodse volk een andere weg tot behoud is dan Jezus. De felheid en het continue herhalen van dit verwijt neemt zelfs lasterlijke vormen aan.

Ook ik ben overtuigd van de kerntekst van het evangelie, Johannes 3:16 : “Want  alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven heeft”

Er is maar één weg, voor iedereen…….

Terug naar hetgeen ik in dit artikel wil bespreken, de Joodse feesten als één van de vele mogelijke voorbeelden om aan te tonen dat we niet zonder de Joodse context kunnen om de bijbel en daarmee Gods plan met deze wereld te verstaan en in te zien dat  God weldegelijk nog steeds zijn weg gaat met Zijn Volk.


De Joodse feesten.

God heeft een plan met deze wereld. De vraag is nu of God ook een tijdsplan heeft dat vaststaat of dat zijn plan qua tijd helemaal niet vastligt en dat God Zijn momenten nog niet heeft bepaald.
Zou God in Zijn Woord, dat volgens de bijbel aan de Joden is toevertrouwd (betekenisvol bewaard), mogelijk handvatten geven om de tekenen der tijden te verstaan ? Wij hebben tenslotte ook de opdracht gekregen goed te letten op de tekenen der tijden.

Inzicht in de Joodse feesten geeft antwoord op bovengestelde vragen. Gods feesten hebben namelijk een voorzeggende betekenis en maken hierin precies duidelijk de volgorde van Gods heilsplan met Zijn wereld.

Echter, feesten, feesttijden, tijden…..als wij aan tijden denken, denken we vanuit onze Gregoriaanse kalender, die niet overeenkomt met de Hebreeuwse kalender, de kalender die Jezus en het Joodse volk gebruikten. We zullen dus moeten denken vanuit de Hebreeuwse kalender.

Er zijn  7 grote Joodse feesten, onder te verdelen in voorjaarsfeesten en najaarsfeesten.
Jezus heeft deze feesten nauwkeurig gevierd, nooit afstand van genomen of opgeroepen deze feesten niet meer te vieren.

Interessanter is echter dat Jezus door zijn leven/lijden/sterven en opstandig exact tot op het uur nauwkeurig de voorjaarsfeesten heeft vervuld.

Laten we als voorbeeld het Pesachfeest nemen:

Pesach: Vier dagen voor Pesach moest een gaaf mannelijk lam geselecteerd worden.
Jezus: Jezus  is vier dagen onderzocht en ondervraagd door Farizeeën en Sadduceeën, Annas en Kajafas, Herodes en Pilatus en de moordenaar aan het kruis om een zonde te ontdekken.

Pesach: Op het derde uur werd het lam gebonden aan de hoorns van het brandofferaltaar.
Jezus: Jezus werd op het derde uur gebonden aan het kruis (marcus 15:25)

Pesach: Op het 6de uur  werd begonnen met het slachten van de lammeren.
Jezus: Op het 6de uur werd het duister op de middag van de kruisiging.

Pesach: Op het 9de uur wordt door de Hogepriester het lam geslacht en op de Shofar geblazen.
Jezus: Het is het negende uur waarop Jezus sterft op Golgotha.

Pesach: Het bloed van de lammeren bij het tempelplein werd vermengd met water en stroomde zo door de Hinnom valei.
Jezus: Toen Jezus stierf kwam er ook bloed en water uit zijn zij.

Pesach. De Israëlieten mochten de botten van het lam niet breken. (exodus 12:46)
Jezus: Ook de beenderen van Jezus werden niet gebroken omdat Hij zijn leven al had afgelegd (Joh 19:33).

Met andere woorden: Het beeld van het lam in het O.T. was een voorafschaduwing van het LAM Jezus dat nog moest gaan komen.

Jezus heeft de vier voorjaarsfeesten, zoals het Pesachfeest, het feest van de Ongezuurde broden, het Eerstelingenfeest en het Wekenfeest exact vervuld, tot op het uur !
Het voert nu te ver om de overige voorjaarsfeesten te bespreken.

Er ligt echter nog een fantastische betekenis en belofte verscholen in de Joodse najaarsfeesten, waarvan we op basis van de vervulling door Jezus van de voorjaarsfeesten mogen verwachten dat ook de najaarsfeesten exact  tot op het uur vervuld gaan worden door Hem ! Het is dus zeer interessant om deze najaarsfeesten, het Bazuinenfeest, Grote Verzoendag en het Loofhuttenfeest, nauwkeurig te onderzoeken.

God zegt in Leviticus 23 over de feesttijden: “De feesttijden die gij mij zult uitroepen als heilige samenkomsten, zijn MIJN feesttijden”  Dus geen cultureel feestje van de Joden, maar van en voor God.

Het zijn Gods feesten, waarvan exact bepaald was wanneer zij gevierd moesten worden, als heilige samenkomsten.

Samenkomst, Mikra, betekent repetitie. Feesttijden, Mo’ed, betekent bepaalde tijd of afspraak.

Leviticus 23:1 wordt dan: “De vaste afspraken die gij zult uitroepen als heilige repetities, zijn Mijn afspraken” . Het woord repetities maakt dus duidelijk dat we moeten oefenen, ons klaarmaken voor hetgeen dat komen gaat. De feesten zijn een schaduw van de dingen die gaan komen.

Waar in de kerk wordt de diepe betekenis van de Joodse feesten zoals het Bazuinfeest, Grote Verzoendag en het Loofhuttenfeest geleerd, zodat we vast oefenen, klaarstaan, gereed zijn voor hetgeen gaat komen ? Wat zeggen deze feesten ons ? Wat kunnen de Joodse Rabbi’s ons hier over leren?  Onderwijzen de opstellers van de brief hun schapen hier in ?

God gaf deze feesten als een altoosdurende instelling (Lev 23:41, ex 12:14).
Het woord feesten heeft ook nog een andere betekenis, namelijk gedenken.
Gedenken doe je OPDAT…..



Het is onmogelijk om in een blog uitgebreid en diep in te gaan op deze feesten. Ik wil u er wel graag vast op wijzen dat er binnenkort een zeer interessant boek over dit onderwerp uitkomt. Ik zal u daar op deze blog ter zijner tijd  ook over informeren.


Zoals de voorjaarsfeesten een voorafschaduwing waren van Jezus leven/lijden/opstanding,  zo zijn de najaarsfeesten een voorafschaduwing van Jezus wederkomst en roept God ons op om middels deze feesten / gedenkmomenten te repeteren, ons klaar te maken en om de tekenen der tijden te verstaan.

De feesten zijn schaduwen van ware gebeurtenissen in de toekomst, die Jezus centraal stellen. De Joodse feesten hebben dus wel degelijk een Nieuw Testamentische betekenis.

We zullen dus terug moeten naar onze Joodse wortels om Gods woord te kunnen verstaan. Israël als volk en land is ook in deze tijd nog steeds van belang omdat hij door Zijn volk zichzelf kenbaar maakt.

Israël wordt 79 keer genoemd in het Nieuwe Testament. 77  keer heeft dit dezelfde betekenis als in het Oude testament. Het woord Jood komt ongeveer 200 keer voor  in het Nieuwe Testament. In geen van deze gevallen geeft de context aanleiding voor een bredere uitleg van Jood  als bedoeld zijnde “Christen”


Laten de opstellers van de brief hun hoogmoed varen, waar Paulus al voor waarschuwde in Romeinen 11:20: “Zeker, ze zijn afgebroken vanwege hun ongeloof en u dankt uw plaats aan uw geloof. Wees daarom echter niet hoogmoedig, maar heb ontzag voor God”

Gods woord zegt dat in het nieuwe Jeruzalem op de poorten van de stad de namen zullen staan van de 12 stammen van Israël en dat het Loofhuttenfeest door alle volkeren gevierd zal worden. (Zach 14).

Het getuigt van grote hoogmoed Israël, het Joodse volk af te serveren als iets uit de oudheid, als iets dat vergaan is, iets dat niet meer relevant is, terwijl alle tekenen, profetieën, Gods feesten en beloften, Gods Woord, wijzen op de speciale plaats van het Joodse volk in Zijn handelen, in Zijn plan.


Wordt vervolgd.

woensdag 29 augustus 2012

Arabisch/Islamitische cultuur een tikkende tijdbom ?


Onder de oppervlakte van de Nederlandse multiculturele samenleving tikt een tijdbom.
Deze tijdbom is de Arabisch-Islamitische cultuur, die in toenemende mate de overhand krijgt in Nederland en Europa.

Tot deze verontrustende conclusie kom ik op basis van mijn ervaringen tijdens mijn werkzaamheden als remedial teacher in het basisonderwijs. De uitzichtloze situatie waarin veel allochtone inwoners met een Arabisch-Islamitische achtergrond in Nederland zich zelf brengen, is een tweede verontrustende conclusie die getrokken kan worden.

De ervaringen zijn opgedaan op een Protestants Christelijke school. Deze school kent qua leerlingen vele nationaliteiten. De kinderen zijn afkomstig uit 15 verschillende landen, waarvan de helft een Arabisch-islamitische achtergrond heeft. Deze kinderen komen uit landen zoals Iran, Irak, Pakistan, Turkije, Algerije, Indonesië, Marokko en Afghanistan.
De andere helft komt uit Europese landen zoals Polen, Frankrijk, Spanje, Portugal, Duitsland, Rusland en Nederland. 

De verschillen met betrekking tot hun houding, inzet en betrokkenheid bij school zijn groot tussen deze twee groepen leerlingen en hun ouders.

Gezien de demografische ontwikkelingen, waarbij een verdere toename verwacht wordt van Arabische-islamitische allochtonen in Europa en dus ook Nederland, moeten we ons ernstig zorgen maken over deze verschillen.

Eerst enkele voorbeelden van ervaringen die ik met allochtone kinderen met een Arabisch/Islamitische achtergrond heb opgedaan in het onderwijs: 

1. Na een compliment aan een Algerijnse jongen van 6, “zo dat ging goed vriend”, werd mij door hem  te verstaan gegeven dat ik niet zijn vriend was, omdat ik wit ben en dus Amerikaan !

2. Een Algerijns meisje van 8 vertelde mij dat zij alle Fransen haatte, omdat die hun land hebben afgepakt.

3. Een Pakistaans meisje gaf te verstaan dat alle Indiërs de Pakistanen dood wilden hebben, dus zij haatte mensen uit India.

4. Een jongen van 8 uit Iran gaf mij te kennen Soennieten te haten, omdat zij alle Imams van de Sjiieten gedood hebben.

5. Een jongen uit Marokko hoeft van zijn ouders niet te luisteren naar vrouwen.

6. Een andere Marokkaanse jongen hoeft niet zoals alle andere klasgenoten eens in de zoveel tijd het bord schoon te maken en een bezem door de klas te halen. Zijn moeder vindt dat niets voor jongens, dus doet zij het voor haar zoon.

7. Een Algerijnse jongen van 7 vertelde mij dat hij samen met zijn moeder een film over  “de Jodenmens” had gezien,die ,binnenkomend in het huis van een arme Palestijnse man met een glas water in zijn hand, dit glas uit handen van de Palestijn had genomen, een slok nam en vervolgens de rest over de grond uitgooide en zonder wat te zeggen weer het huis uit liep.
(Dit lijkt verdacht veel op anti-Joodse Nazi stemmingmakerij. Puur antisemitisme, dat kleine kinderen met de paplepel wordt ingegoten.)

8. Een Turkse moeder heeft gewezen op de grote problemen in haar familie als haar zoon weer blijft zitten. Hierdoor wordt de familie ten schande gemaakt.  Of de school daar rekening mee kon houden.

9. Een andere uitspraak betreft die van een jongetje van 7 die vertelde dat het hem toch niets uitmaakt wat mensen van hem vinden, omdat zij, de Islamieten, toch binnenkort de baas zullen zijn in Nederland.

Navraag op andere scholen heeft uitgewezen dat bovenstaande voorbeelden geen uitzondering zijn.

Dit alles creëert een beeld van een cultuur en opvoeding van haat en onverdraagzaamheid t.o.v. anderen waar de meeste Arabisch-Islamitische kinderen van kinds af aan in opgroeien.

Dit verklaart mogelijk ook de zeer geringe betrokkenheid van veruit de meeste allochtone ouders met een Arabisch-islamitische achtergrond. Op ouderavonden komen de meeste niet en op verzoeken aan ouders voor ondersteuning van allerlei activiteiten komt haast geen reactie vanuit deze hoek. De meeste ouders reageren ook niet op dringende verzoeken om thuis vooral Nederlands te praten met hun kinderen, zodat de taalachterstand beperkt of verminderd wordt. Voor het slagen in deze maatschappij is beheersing van de Nederlandse taal essentieel.


Onderwijs.
Taalachterstand is een groot probleem, zeker in relatie tot de huidige onderwijsmethodieken.
Het realistisch rekenen van tegenwoordig, (in tegenstelling tot het mechanisch rekenen van weleer), waarin rekensommen verwerkt worden in een stuk tekst dat een praktijksituatie beschrijft, vereist een goede beheersing van de Nederlandse taal. Met een gebrekkige woordenschat en taalbeheersing zijn  het, naast zwakke autochtone leerlingen, vooral de allochtone kinderen die de grootste achterstand oplopen.

Het is juist de onderwijsmethodiek in combinatie met de grote achterstand in taal die zorgt dat allochtone kinderen van Arabische-islamitische komaf niet kunnen meekomen in het basisonderwijs. Uiteraard zijn er uitzonderingen, echter de ervaring leert dat het succes van deze kinderen mede wordt bepaald door ouders die wel betrokkenheid bij hun kind en school tonen en thuis zorgen voor een leeromgeving waarin de Nederlandse taal centraal staat.

Zowel door de cultuur waaruit / waarin deze kinderen opgroeien en hun opvoeding,  waarin sterke elementen zitten van haat, onverdraagzaamheid  t.o.v. andersdenkende en een sterke focus op hun Arabisch-islamitische achtergrond,  maar ook door alle problemen die ze ondervinden in het onderwijs, ontstaat een grote groep die laag is opgeleid, erg hangt aan hun Arabisch-islamitische cultuur en onverdraagzaam staat tegenover het Westen en Israël.

Het is niet een “ver van mijn bed show”, het zijn niet  “die moslims uit de landen in het midden-Oosten”, het is een groot gedeelte van de Arabisch/Islamitische gemeenschap in de Westerse wereld die een tikkende tijdbom vormt binnen onze samenleving.

Door het niet integreren, het niet in voldoende mate de taal spreken, het afzetten tegen de in hun ogen verdorven Westerse wereld (maar wel gebruik maken van alle vrijheden en voordelen die deze Westerse wereld hen bied), het handelen vanuit een superioriteitsgedachte t.o.v. Joden, Christenen, anders gelovigen en ongelovigen, ontstaat voor deze groep mensen een uitzichtloze maatschappelijk situatie. Vanuit deze situatie wordt het afzetten tegen de omgeving waarin zich men bevindt alleen maar versterkt.

Demografische ontwikkelingen.

De demografische ontwikkelingen in Europa geven voldoende aanleiding tot zorg over de toekomst van Nederland en Europa.
De autochtone bevolking in Europa vergrijst, het geboortecijfer is bijna historisch laag, gemiddeld 1,38.
Toch stijgt het aantal inwoners in Europa door immigratie, die voor ongeveer 90% bestaat uit Moslims. De moslimbevolking kent een veel hoger gemiddeld geboortecijfer.
Als gevolg van dit feit zal over ongeveer 15 jaar de helft van de Nederlands bevolking uit Moslims bestaan. De Duitse regering verwacht in 2050 een Moslimstaat te zijn en over twintig jaar zal Europa gegroeid zijn van 52 naar 105 miljoen inwoners die de Islam aanhangen.

Bovenstaande ontwikkeling zal een enorme impact hebben op ieder niveau van onze samenleving, aangezien het gewoon is in een democratie zich te kunnen organiseren en op basis van meerderheidsstandpunten actief deel te nemen aan het openbaar bestuur.

De leider van Libië, Kadaffi, heeft in 2008 al gezegd dat er straks geen terroristen meer nodig zijn, aangezien de doelstellingen (Islamitische overheersing) ook via een democratische weg gerealiseerd kunnen worden.

Al met al ligt er een sombere toekomst in het verschiet voor de autochtone Europeaan.
Het wordt tijd dat partijen zoals GroenLinks, PVDA, SP en D66 de ogen openen voor het onverenigbare van de Joods-Christelijke wortels van het huidige Europa met de Arabisch-islamitische cultuur van de meeste allochtonen. 

Laten we bidden voor een overheid die dit risico zal onderkennen, zodat de immigratie beperkt wordt. Niet vanuit haat of afkeer van een moslim als individu, maar vanwege het onverdraagzame karakter van de Arabisch-islamitische cultuur en het onverenigbare daarvan met onze Joods-Christelijke vrije democratische westerse wereld.